poort kluis 1 png

 

Infodag Scholen

 

2017flyervoorkant

 

  We zijn open op zaterdag en zondag

"Het dagelijkse leven en smokkel tijdens de Eerste Wereldoorlog"

vanaf 1 juli 2017 tot en met 29 oktober 2017 en van 7 april 2018 tot en met 27 mei 2018

Elke zaterdag en zondag van 12-16u (niet op Pinksteren) 

 (niet op maandag) Groepen op aanvraag

9 en 10 september - Herbeleef het soldatenleven tijdens de Groote Oorlog

re enact1

re enact2

Brouwerij Achelse Kluis ontmanteld

paneel 9 brouwerij1Exact een eeuw geleden werden, door het nijpend tekort aan ertsen voor de Duitse wapenindustrie, vooral koper maar ook andere metalen in bezet België opgeëist door de bezetter. Aanvankelijk zouden ook de kerkklokken aangeslagen worden, maar door hevig protest van kardinaal Mercier, die heel wat internationaal gezag uitstraalde, werd hiervan afgezien. Het koper werd wél overal opgespoord en opgehaald.

Op 18 juli 1917 werden in de brouwerij van de Achelse Kluis drie koperen pompen en twee brouwketels uitgebroken en naar Luik overgebracht. De vrachtbrief vermeldt 634 kg Altkupfer en 67,5 kg Altmessing.

Lees meer: Brouwerij Achelse Kluis ontmanteld

Schildwacht reglement

Duitse grensbewaking in niemandsland collectie heemkundekring Essen1

 

Zelfs het gebruik van het wachthuisje werd gereglementeerd

 

"De betrokkene is persoonlijk verantwoordelijk dat er zich in het schildwachthuis geen bank of een andere zitgelegenheid bevindt"

"Het betreden van het schildwachthuis is enkel bij slecht weer toegelaten; in dat geval mag de waakzaamheid niet verloren gaan"

Vanzelfsprekend werd bij het niet respecteren van het reglement een passende straf uitgesproken.

Lees meer: Schildwacht reglement

2017 - Tentoonstelling Dagelijkse leven & Smokkel

geert DSC5642De Duitse bezetting en bitterkoude winters maakten het dagelijkse leven van de gewone man tijdens de Groote Oorlog niet gemakkelijk. Onmiddellijk ontstonden Hulp- en Voedselcomités om de burgers te ondersteunen. Het voedsel werd gerantsoeneerd, maar kinderen kregen gratis soep. De broodprijs bleef stijgen. Een alternatief was smokkelen, een lucratieve bezigheid aan onze grens.

Lees meer: 2017 - Tentoonstelling Dagelijkse leven & Smokkel

Generaal Von Bissing in Achel

Vrouwelijke douanebeambte in Achel 001 2 filtered

Ook in België worden Duitse vrouwen ingezet zoals deze dame die tewerkgesteld werd als douanebeambte te Achel. Reden te meer voor Generaal Van Bissing om dit met eigen ogen te komen vaststellen in Achel.

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog werd Bissing teruggeroepen naar het leger. Hij leidde het zevende leger vanaf 2 augustus tot en met 23 november 1914. Na de verovering van grote delen van België werd Bissing in december 1914 benoemd tot generaal-gouverneur van het Keizerlijke Duitse Generaal Gouvernement van België, de militaire regering van het Duitse keizerrijk in bezet België.

Lees meer: Generaal Von Bissing in Achel

ORAM Zone V – Eindhoven en Belgisch Noord-Limburg

13 04 Oram EindhovenDeze zone werd opgedeeld in drie sectoren. Elke sector had zowel in België als in Nederland de beschikking over postbussen en koeriers. Passeurs zorgden voor het overbrengen van berichten naar de andere kant van de grens. Opvallend is dat de Koninklijke Marechaussee vrije doorgang verleende in het grensgebied waar nochtans de Staat van beleg van kracht was.

Sector I Eindhoven

Spoorwegbeambte Emile Maes (ORAM 5006) uit Kessel-Lo was gevlucht naar Eindhoven en werd betrokken in de contraspionage rond de lichtstad. Hij heeft enkele Hamontenaren kunnen overtuigen om een netwerk met vier lijnen verder uit te bouwen:

Lijn 1: Leuven – Hamont – Budel - Eindhoven
Lijn 2: Leuven – Hamont – Kessenich – Weert – Eindhoven
Lijn 3: Hasselt – Hamont – Budel – Eindhoven
Lijn 4: Brussel – Lommel – Luijksgestel – Eindhoven

 

 

 

Lees meer: ORAM Zone V – Eindhoven en Belgisch Noord-Limburg

Persvrijheid ?

krant0

 

De Duitsers voerden in 1914 een systeem in van perscensuur.

De nieuwsberichten mogen geen negatieve elementen bevatten m.b.t. de militaire prestaties van het Duitse leger of zijn bondgenoten. Er mag geen informatie verspreid worden over de activiteit van de Belgische regering in ballingschap en er mogen absoluut geen artikelen gepubliceerd worden die de “haat van de bevolking tegen Duitsland kunnen onderhouden of aanwakkeren”.

Lees meer: Persvrijheid ?

De nationale inlichtingendiensten

rotterdam witte huisBij de aanvang van de Eerste Wereldoorlog had elk land zijn eigen inlichtingendienst. Omdat België, Frankrijk en Groot-Brittannië samen tegen Duitsland oorlog voerden, was het van belang om de onderlinge acties zo veel mogelijk te coördineren. Daarom kwamen deze landen op 22 november 1914, op initiatief van de Franse kolonel Dupont, samen te Veurne (België) om hierover afspraken te maken. Hier beslisten ze om één gezamenlijk netwerk op te richten in Forth (Engeland), maar opgedeeld per nationaliteit, dus in drie delen.

Elk land diende in nauwe samenwerking de bekomen informatie uit te wisselen. Het hoofdkwartier van dit intergeallieerd bureau (Bureau Central Interallié) lag in Folkestone, een stadje aan de Britse kust. De leiding kwam in handen van kolonel George Cockerill. Voor Groot-Brittannië was Cameron verantwoordelijk, voor Frankrijk was dit eerst Wallner en later Béliard en voor België was dit Mage. De verschillende netwerken werkten in de praktijk dikwijls tegen elkaar.

Lees meer: De nationale inlichtingendiensten

30.000ste Last Post

30000Last Post2 filtered

Ieper, 9 juli 2015

87 jaar klinkt nu al de Last Post aan de Menenpoort te Ieper, met uitzondering van de periode van de Duitse bezetting tijdens WO II

30.000 keren intussen !
Reden genoeg om er nu bijzondere aandacht aan te besteden.

Enkele honderden genodigden mochten uiteindelijk plaatsnemen onder de Menenpoort. Maar eerst was er in het cultureel centrum van Ieper een academische Zitting. Bijzonder was de toespraak van Brendon Nelson, voormalig ambassadeur voor Australië, die vooral wees op de grote drama’s voor de vele families die hun zonen tijdens de Grote Oorlog verloren. Zeer treffend was het voorbeeld van een Australische familie die zijn drie zonen op één en dezelfde dag verloor.
Vlaams Minister president, Geert Bourgeois sloot het academisch gedeelte af.
De verplaatsing naar de Menenpoort werd in colonne per bus afgelegd, waarna de plechtigheid kon starten, deze keer zonder het gewone aanwezige publiek. Deze kon de plechtigheid via grote schermen volgen.

Lees meer: 30.000ste Last Post

De locale netwerken in België en Noord-Frankrijk

10 11 Spionnen luisteren meeDe Duitsers slaagden er tijdens de Eerste Wereldoorlog niet in om een spionagenetwerk van agenten uit te bouwen in Groot-Brittannië. Evenmin slaagden de Britten, noch de Fransen noch de Belgen erin om een dergelijk netwerk uit te bouwen in Duitsland.
Dat lukte voor de geallieerden wel in de door Duitsland bezette gebieden van België en Noord-Frankrijk. De agenten werden gerekruteerd uit Belgische en Franse vluchtelingen en via Nederland terug naar hun thuisland gebracht. Zij zorgden dan voor meer medewerkers, soms ganse families.
Ze werden gedreven door patriottisme, haat tegen de gewelddadige bezetter of geldelijk gewin.
In de meer dan vier jaren durende oorlog werden er meer dan 250 netwerken in het bezet gebied opgezet, samen goed voor meer dan 7.000 medewerkers.
De meeste netwerken bestonden uit slechts enkele tientallen agenten, maar sommige, zoals La Dame Blanche en Oram, hadden 1.000 of meer agenten in dienst.

Lees meer: De locale netwerken in België en Noord-Frankrijk

Feldpost

feldpost2 neerpelt

De "Feldpost" kent haar oorsprong in de 18de eeuw in Pruisen ten gevolge van de talrijke inzet van de legers.  Tijdens de Duitse conflcten in 1866 werden al meer dan 30.000 brieven verstuurd naar de heimat. Door de technische vooruitgang (spoorwegen en telegrafie) kende het verzenden van brieven een nog grotere omvang in de Eerste Wereldoorlog. Miljoenen brieven werden door een goed georganiseerde postdienst behandeld en waar nodig ook gecencureerd.

Lees meer: Feldpost

Spionage tijdens de Groote Oorlog

5 02 Telegrafie tijdens WO IDe spionage tijdens WO I was op geen enkele manier te vergelijken met onze huidige denkbeelden. Boeken en films over James Bond hebben ons een spionagewereld voorgespiegeld, waarin de moderne technologie en gadgets een hoofdrol spelen. Die waren er nog helemaal niet tijdens de Eerste Wereldoorlog: de mensen zelf waren belangrijk en ze moesten vooral hun ogen en oren goed kunnen gebruiken. De enige hulpmiddelen waarover men toen beschikte, waren telefonie en telegrafie. Ook duiven mochten hun steentje bijdragen en in de loop van de oorlog won luchtfotografie aan belang.

De bewoners van de bezette gebieden waren niet vertrouwd met spionage of ondergronds verzet.
Het brutale gedrag van de Duitse invallers leidde vooral tot clandestiene activiteiten. In de eerste weken na de inval werd er hulp geboden aan gewonde of van de troepen afgesneden soldaten, die men voedsel en onderdak verschafte en via neutrale landen zoals Nederland terug naar hun eigen legers loodste. En tijdens heel de oorlog waren er vrijwilligers, zowel jongelingen die zich bij het leger wilden voegen als anderen die in Engelse of Franse fabrieken wilden gaan werken.

Lees meer: Spionage tijdens de Groote Oorlog

1914 Lille-Saint-Hubert (Sint-Huibrechts-Lille )

Dorpszicht gemeentehuis en kerk 2Rond de eeuwwisseling gebeurde het nog geregeld dat niet gesproken werd over ‘Sint-Huibrechts-Lille’, maar over ‘Lille-Saint-Hubert’.
Het fenomeen van de teutenhandel had vanaf de zestiende eeuw heel wat jongens in contact gebracht met een andere leefwereld in Nederland, Duitsland en Noord-Frankrijk. Zowel dierenlubbers, koperteuten als textielhandelaars waren ze geweest. Nu bleven er enkel nog mooie teutenhuizen over, want de meeste afstammelingen trokken weg uit het stille dorp. De meeste kinderen van de succesvolle teuten hadden immers kunnen studeren.

De landbouwlessen in de vierde graad zorgden mee voor een modernisering van de landbouw met gebruik van meststoffen. Hiervoor werd aan de kanaalkom een regionaal magazijn van de Boerenbond opgericht. Het ‘kanaal van de Kempen’ werd in 1908 verbreed, maar de twee draaibruggen bleven behouden.
De IJzeren Rijn, de verbinding Antwerpen – Mönchengladbach met twee sporen, kreeg ook een station in Lille. Deze stopplaats zorgde voor bijkomende activiteit, zoals houthandel.

Lees meer: 1914 Lille-Saint-Hubert (Sint-Huibrechts-Lille )

Spionage: een korte geschiedenis

Een leger zonder geheim agenten is zoals een man zonder oren noch ogen
(Chinese strateeg Sun Tsu, 6de eeuw v. Chr.)

3 01 Het oog in het sleutelgatEen geheim agent, tegenwoordig officier inlichtingen en veiligheid genoemd, is iemand die voor een inlichtingendienst op een heimelijke manier informatie voor zijn land inwint, analyseert en verwerkt. Een geheim agent die zich in een ander land dan het zijne bevindt, wordt spion genoemd. Deze heeft de taak om bijvoorbeeld de legersterkte of intenties van de vijand te achterhalen, de economische en politieke situatie in kaart te brengen en desgevallend sabotage te plegen. Om deze inlichtingen te verkrijgen zoekt de spion naar betrouwbare lokale informanten die goed op de hoogte zijn van het reilen en zeilen in hun omgeving. Zij vormen een belangrijke schakel, maar mogen niet weten voor wat of voor wie zij hun informatie verschaffen. Zodra de spion voldoende bruikbare inlichtingen heeft verzameld, is het een kunst om deze gecodeerd aan zijn inlichtingendienst te bezorgen.

Lees meer: Spionage: een korte geschiedenis

1914 Neerpelt

neerpeltJuist voor de oorlog was Neerpelt het centrum van Noord-Limburg geworden. Het was kantonhoofdplaats.
Waar halfweg negentiende eeuw de gemeente slechts 1932 inwoners telde, was er een bevolkingsexplosie tot 4194 inwoners juist voor de oorlog.
Neerpelt had grondige wijzigingen ondergaan.
Het kanaal Bocholt-Herentals had de gemeente in tweeën gedeeld maar ook voor handelsactiviteiten gezorgd.
Door de komst van de spoorwegen Limburg-Liégeois in 1865 en de ‘IJzeren Rijn’ in 1879 werd het station van Neerpelt een belangrijk kruispunt.
De eerste sigarenfabriek dateert van 1877. En er volgden er meer... Voor de oorlog waren bijna duizend mensen tewerkgesteld in verschillende sigarenfabrieken. Van overal kwam men hier werken.

Lees meer: 1914 Neerpelt

Bolle Jan - schapensmokkelaar

bocholt schapen

 

100 jaar geleden.  Op 19 december 1916 loodst de Weerter grootgrondbezitter Jan Hendriks, ‘Bolle Jan’ 850 schapen vanaf zijn ontginningsbedrijf bij Altweert naar het door de Duitsers bezet België. Ze trekken door een ‘leeg Niemandsland’, een door grenswachten gecontroleerd heide- en moeraslandschap. Bij grenspaal 164 steken ze de grens over, waarna de Duitsers voor deze gelegenheid even de dodelijke 2000 volt van de ‘Doodendraad’ halen….
Enkele dagen later bekent Bolle Jan de verkoop van zijn kudde aan een Duitse handelaar. Weert houdt zijn adem in. Smokkel, spionage en soldaten…. dat is een hoogst explosief goedje. Wordt grootgrondbezitter Hendriks door justitie aangepakt, zoals de vele, vele andere smokkelaars die dagelijks aan de grenzen opgepakt worden of gaat deze kwestie de doofpot in. Nederland's neutrailiteit in gevaar !

 

 

1914 Caulille (Kaulille)

Dorpstraat 7In 1914 telde Kaulille 953 inwoners.
Kaulille (voorheen nog geschreven als Caulille) was van oudsher een kleine agrarische gemeente. Zij behoorde oorspronkelijk samen met Achel, Hamont, Sint-Huibrechts-Lille en Weert tot de abdij/het kapittel van Maastricht, maar was in 1259 al van het grote Maastrichter domein afgescheiden en bij het graafschap Loon gevoegd. Dit blijkt uit een oude akte van dat jaar, voorlopig het oudst bekende document over Kaulille.

De komst van de buskruitfabriek Cooppal in 1883 bracht werkgelegenheid en welstand in de gehele regio. Het bevolkingsaantal ging als gevolg hiervan met een ruk de hoogte in.

In 1870 was er in Kaulille al een douanebrigade actief. De douaniers zouden er vooral na de komst van Cooppal - waar veel alcohol verwerkt werd - op toezien dat er accijns geheven werd. De douaniers waren gehuisvest in het dorpscentrum. Hun verblijf werd in de volksmond “de kazerne” genoemd.

Lees meer: 1914 Caulille (Kaulille)

2016 - Tentoonstelling Spionage

flyerspionage2016

1914 Nederlandse grensgemeenten

valkenswaard29Valkenswaard telt 4050 inwoners
Een gemeente van landbouw en nijverheid. Vooral de tabaksindustrie en in mindere mate de schoenindustrie, gaven velen burgers een bestaan.
De sigarenindustrie gaf aan 1124 personen werkgelegenheid in de fabrieken. De helft hiervan was man. Daarnaast werkten er zo’n 200 vrouwen en ongeveer 340 kinderen. De werknemers werkten verspreid over 15 fabrieken, variërend van 180 personen tot een 15tal personen.
In de twee schoenfabrieken die Valkenswaard telde, werkten 115 personen.
Overige nijverheid speelde zich af rond de bierbrouwerij, schorsmolen met houtzagerij, graan- en oliemolen, stoomzuivelfabriek, houtzagerij en timmerfabrieken.

Valkenswaard mocht ook toen al tot een van de bloeiendste plattelandsgemeenten gerekend worden. Aan het fraaie marktplein in de dorpskern ligt de St. Nicolaaskerk, het NH kerkje, het raadhuis, de muziekkiosk en grote statige huizen. Ook vond je er verschillende hotels en vele cafés. Een bloeiend verenigingsleven maakte deel uit van de gemeenschap in Valkenswaard met onder meer harmonie UNA. Ook waren er in het verleden een zestal jaarmarkten, de jaarlijkse Handelse processie en de kermis.

Lees meer: 1914 Nederlandse grensgemeenten

Slachtoffers draadversperring 1915-1918

10 7 Slachtoffer collectie Heemkundekring Baarle HertogHet aantal slachtoffers aan de draadversperring zal waarschijnlijk nooit geweten zijn ! Hieronder een lijst van het aantal slachtoffers in onze grensgemeenten. De namen werden opgetekend aan de hand van  vermeldingen in de pers, gemeentelijke en Duitse archieven.

Lees meer: Slachtoffers draadversperring 1915-1918 

1914 Hamont

hamontkioskIn 1914 waren er in Hamont 3433 inwoners.
Hamont was toen een bruisend stadje dankzij de aantrekkingskracht van het grote station op de lijn Antwerpen-Mönchengladbach, goed voor ruim 300 werknemers en het internationaal befaamd ursulinenklooster dat vooral Duitse en Engelse pensionaires verwelkomde en meer dan 70 zusters telde.

De zusters augustinessen verzorgden met 9 leden hulpbehoevende bejaarden uit de gemeente, terwijl de paters salvatorianen zich nog maar pas gevestigd hadden op het Lo en uitsluitend over een opleidingshuis voor religieuzen beschikten.

Het kasteel de l’Escaille was compleet uitgebouwd en een nieuwe generatie adellijke heren bracht de landbouw in dit gebied van weteringen tot bloei.
In 1892 kreeg Hamont een rijkswachtgebouw.

Lees meer: 1914 Hamont

Achel: Eugenius Josephus Cox

coxeugeneIn een boerderij op het gehucht Rodenrijt verbleef het uit Zoutleeuw afkomstig gezin van Peter Antoon Cox en Maria Elisabeth Julia Petit-Jean. Ze hadden 5 zonen en 5 dochters. De doodendraad die de grens tussen het vrije Nederland en het bezette Achel vormde, lag slechts op een boogscheut van hun woning verwijderd.


Er werd nooit achterhaald of het aantrekkingskracht voor gevaar, vaderlandsliefde of geldgewin was die de ganse familie ertoe aanzette om mensen of belangrijke documenten over de draad te smokkelen.

Lees meer: Achel: Eugenius Josephus Cox

1914 Bocholt

2011 04 30 09.24.49Bocholt was 100 jaar geleden nog een landbouwgemeente bij uitstek: 85% van de 500 gezinnen (2961 inwoners) leefden van de opbrengsten van hun landbouwbedrijfje, dat gemiddeld niet groter was dan 7ha.  Reppel (gefuseerd met Bocholt in 1967) had 408 inwoners en 65 gezinnen.

Bocholt telde slechts enkele ambachtelijke bedrijfjes: een brouwerij, een jeneverstokerij en enkele sigarenfabriekjes. Sinds 1826 bracht het kanaal een drukke bedrijvigheid mee. Aan de twee sluizen veroorzaakten het versassen, de douaniers en de ontvangers van de scheepsrechten een grote drukte.

Duizend hectare van de gemeentelijke heide en moerassen waren de laatste 50 jaar ontgonnen en bebost of tot akkers, hooi- en weilanden omgevormd. Toen de oorlog begon voerden nog twee spoorbaantjes, één van 2 km en één van 2,5 km, stadsmest van het kanaal naar de gronden in Lozen, Veldhoven en Kreyel, die na het graven van de Lossing in 1875 ontgonnen werden. Van het kanaal werd ook reeds dankbaar gebruik gemaakt voor de aanvoer van de eerste kunstmest en voor de bevloeiing van de ingenieus aangelegde weteringen.

Lees meer: 1914 Bocholt

Koninklijke Buskruitfabriek Cooppal Caulille

DE OPRICHTING VAN COOPPAL

Duitsers op Cooppal 2De buskruitfabriek COOPPAL werd in 1778 opgestart in Wetteren (Oost-Vlaanderen). In 1847 verleende Koning Leopold I de fabriek de uitzonderlijke titel van ‘KONINKLIJKE’.
Wegens de steeds groeiende vraag naar springstoffen werd de uitbreiding van de fabriek noodzakelijk. Ook de spreiding van het risico drong zich op, zeker toen de vestiging in Wetteren in 1880 getroffen werd door een zware ontploffing met tal van slachtoffers en grote materiële schade.

Cooppal besliste om in Kaulille een nieuwe productie-eenheid op te starten. Dat gebeurde op om veiligheidsredenen afgelegen gronden, buiten de dorpskom, pal aan het Kempisch kanaal, in de nabijheid van spoorwegen, en waar men ook kon rekenen op de aanwezigheid van het fel begeerde elzenhout. De bouwwerken startten in 1882 op een terrein van circa 180 hectare en de productie ging al van start in juni 1883. Om de kracht van het kruit te testen werd ook een terrein voor schietproeven met geweren en kanonnen aangelegd.

Lees meer: Koninklijke Buskruitfabriek Cooppal Caulille

1914 Achel

achel dorp kerkIn 1914 telde Achel 1585 inwoners
Achel was een rustig agrarisch dorp en kende als enige industrie de trijpfabriek "Schellens" gebouwd bij de voormalige teutenwoning van de familie Simons.
Sommigen zochten hun heil als dagloner, dienstmeid, knecht of trokken verderop naar de zinkfabrieken van Budel-Dorplein en Overpelt of vonden werk bij de "IJzerenweg" in Hamont en Achel-Statie.

Graaf Cornet d'Elzius de Peissant was sinds 1901 burgemeester van Achel en tevens provincieraadslid. Hij verbleef met zijn familie in het kasteel Genebroek nabij het dorpscentrum.

Lees meer: 1914 Achel

De doodendraad

1 De doodendraad

De doodendraad was een versperring van drie rijen houten palen met metalen draden, waarvan de middelste rij onder elektrische spanning stond. Deze versperring vormde een barrière tussen het door Duitsland bezette België en het neutrale Nederland.

2 De plaatsing

De bewaking van de Nederlandse grens vereiste duizenden Duitse manschappen; die waren echter niet beschikbaar. Daarom besloten de Duitsers in het voorjaar van 1915 tot het oprichten van een elektrische draadversperring, naar een idee van Hauptmann Schütte van de Duitse staf in Brussel. De bouw was goed voorbereid en werd uitgevoerd met de gekende Duitse ‘Gründlichkeit’.

De versperring werd geplaatst langs de hele Nederlands-Belgische grens, maar uiteraard altijd op Belgisch grondgebied, en liep van Knokke tot voorbij het Drielandenpunt bij Vaals.
De doodendraad volgde echter niet altijd de 449,5 km lange rijksgrens maar sneed tal van grilligheden af, waardoor soms grote stukken ‘niemandsland’ tussen draad en grens kwamen te liggen. Een dergelijk gebied werd wel bezet door de Duitsers.

Later werd de draad op een aantal plaatsen dichter naar de grens verlegd. Dit was onder andere het geval in Lozen, Hamont en Achel.
Uiteindelijk zou de totale lengte van de versperring 357 km bedragen.

Lees meer:  De doodendraad

En toen was er elektriciteit !

10 7 Slachtoffer collectie Heemkundekring Baarle HertogWe spreken  van elektrocutie als er een gevaarlijke stroom door het menselijk lichaam vloeit. Elektrocutie geeft aanleiding tot verkrampingen en brandwonden met eventueel de dood tot gevolg.
Elektrocutie ontstaat mogelijks wanneer het lichaam in contact komt met twee punten met een verschillend potentiaal. De elektrische stroom kiest, in geval van laagspanning (wisselspanning tot 1000 volt of gelijkspanning tot 1500 volt) de weg met de minste weerstand: zenuwbanen en bloedvaten. Hierbij kan schade aan het hart, de bloedvaten en de longen ontstaan.

Lees meer: En toen was er elektriciteit !

Adolf Bové Oorlogsslachtoffer in Congo

belgioschcongo1914jpgAdolphe Honoré Gustave Bové werd geboren te Wetteren op 2 april 1885 als zoon van Gustaaf Bové en Ernestine Harteel. Hij was ongehuwd en woonde te Kaulille, Raak 16.
Hij is overleden op 17 juli 1915 in het kamp van Kilawa (Belgisch Congo) ten gevolge van de verwondingen opgelopen tijdens de gevechten in Luvungi aan de grens van Belgisch Congo met Duits Oost-Afrika (Luvungi ligt nu in de provincie Kivu aan de grens met Rwanda).

Na het lager onderwijs trok Adolf naar de kadettenschool. Hij werd in 1901 ingedeeld bij de fortenartillerie van de versterkte vesting Namen. In 1906 verliet hij het leger om als bediende aan de slag te gaan bij de Koninklijke buskruitfabriek van Wetteren/Caulille.

Lees meer: Adolf Bové Oorlogsslachtoffer in Congo

Gemütlichkeit ?

gemutlichSpanning en ontspanning

Duitse grenswachten, veelal oudere of gewonde soldaten, traden streng op. Toch waren er momenten waarop de spanning tussen burgers en bezetters minder voelbaar was. En soms slaagden vluchtelingen erin ongedeerd de grens te trotseren. De Meierijsche Courant meldt:

Lees meer: Gemütlichkeit ?

Russische geweren voor de Landsturm troepen

Infanteriegewehr m 1888 Tyskland kaliber 792mm Armémuseum

 

De Landsturm bataljons worden in 1915 uitgerust met buitgemaakte Russische geweren.

Tot dat jaar werd voornamelijk het onbetrouwbare "Infanteriegewehr G 88" (foto links) gebruikt. Door het samenvoegen van de beste onderdelen afkomstig van de verschillende wapenmakers dacht men het wapen van de toekomst te verkrijgen doch door de overhaaste invoering ervan kwamen al snel haperingen tevoorschijn :

Lees meer: Russische geweren voor de Landsturm troepen

Een slachtoffer uit Budel

10 1 Er hangt iemand aan de draad De Telegraaf 15 07 1915 AIn het overlijdensregister van Budel bevindt zich een bijzondere akte. Deze vormt een afschrift van een in Hamont opgemaakte overlijdensakte.

Veldwachter Christiaan Willekens en kantoorschrijver Felix Spaas, beiden uit dit Belgische stadje, legden daarin een verklaring af.

Lees meer: Een slachtoffer uit Budel

logosbanner